Val-Meer 1842 (deel I)

Jos Leben


Een Haspengouws dorp door de ogen van de administratie van het kadaster.
Gedurende heel het ancien regime was de gemeentelijke fiscaliteit grotendeels op het grondgebruik gebaseerd. Na de aanhechting van de Belgische provincies bij de Franse Republiek in 1795 - 1796 werden hier de wetten op het kadaster van toepassing. In Val-Meer startte men in 1804 met het vastleggen van de gemeentegrenzen en de opdeling in secties. Hieruit leren we dat de Merestraat de oude Romeinseweg was. Op 3 september 1806 begonnen de heren Stulens en Dassier met het opstellen van het kadaster volgens de "masses de culture " methode. Op 17 december 1806 werd alles afgesloten. Van de tabellen met de eigenaars, percelen en classificaties hebben we niks meer gevonden, wel van de beschrijvingen ( zie artikel " Het kadaster in het Franse Rijk "). Na de onafhankelijkheid van België werd het kadaster opnieuw opgesteld, in Limburg duurde het nog tot in de jaren 1840 voordat de hele operatie van het kadastraal opmeten en het identificeren van de eigenaars achter de rug was.
In die context werden door de provinciale directie van het kadaster te Hasselt in de periode 1840 - 1845, de zogenaamde dossiers " processen- verbaal van afpaling " aangelegd. Daarin bracht de administratie voor elke gemeente in Limburg de stukken bijeen die nodig waren om de waarde van het onroerend goed in elke gemeente vast te stellen. Dat de oppervlakte van de percelen of de grootte van de woningen daarbij van belang waren, is evident. Maar het kadaster keek verder dan dat. Ook de ligging van de gemeente, de kwaliteit van de wegen, de afstand tot de marktplaatsen, de eventuele industriële of handelsactiviteiten: het had allemaal invloed op de waardering van het vastgoed.
In dit verslag drukte de administratie van het kadaster geldbedragen uit in gulden. Daarmee wordt de toenmalige Nederlandse zilveren standaardmunt bedoeld. In feite circuleerde er toen nog heel wat oud geld: Franse munten en gouden en zilveren munten die nog uit het ancien régime dateerden. Het duurde nog tot halverwege de negentiende eeuw voordat de oude munten helemaal uit het betalingsverkeer gehaald waren, en vervangen waren door Belgische franken.

In maart 2009 verwierf het Rijksarchief te Hasselt de Limburgse dossiers. Zij zijn nu toegankelijk en kunnen in de leeszaal van het Rijksarchief geraadpleegd worden.

Eén van de voornaamste documenten in elk gemeentelijk dossier is het zogenaamde document 5, de Tabel van klassificatie der grond-eigendommen, uit 1842.

De beschrijving van Val-Meer.
Ligging.
De gemeente Fall en Mheer is gelegen 23 kilometers te zuid-oosten van de stad Hasselt, hoofdplaets der provincie, acht kilometers ten oosten van de stad Tongeren, hoofdplaets van het arrondissement. Haere gewoonen marktplaets was de stad Maastricht, welke ook de hoofdplaets der provincie en van het arrondissement was.

Aangrenzende gemeenten
Zij wordt ten noorden begrensd door de gemeenten Riemst en Sichen-Sussen-Bolre, ten noord oosten door de gemeente Wonck, ten oosten door de gemeente Bassenge; zij paelt ten zuiden aan het grondgebied van de gemeente Roclenge, ten zuid westen aan de gemeente Millen, en ten westen aan dat van de gemeente Herderen
.
Rivieren en beken
Rivieren en beken zijn er in deze gemeente niet te vinden.

Groote wegen en buurtwegen
Men telt er eenige buurtwegen die, ofschoon wel onderhouden wordenden, gedurende den winter in het regenachtig seizoen, in geenen bruikbaren staet zijn.

Ongelijkheid van de grond
De oppervlakte van den grond is er vrij gelijk.

Graed van vruchtbaarheid van de grond
De grond is van goede hoedanigheid en wordt goed bebouwd, men bewerkt den zelven bij groote, middelbare en kleine wassen. Heiden of moerassen zijn er in deze gemeente niet te vinden.

Voortbrengselen van den grond
Hare voortbrengselen bestaen in tarwe, rogge, haver, paerdenboonen, klaver, beestenvoeder, aardappelen, groenten en brouwvruchten. Bosschen zijn in deze gemeente niet te vinden.

Paerden-fokkerijen, vee
Er worden paerden aangefokt voor den landbouw, der zelver getal is meer dan toereikende tot het gebruik der landlieden, die s'jaers eenige tot verzending na buiten verkoopen. Er zijn 300 schaepen welke in 3 kudde verdeeld zijn.

Takken van nijverheid der inwoners
De voornaamste takken van nijverheid zijn de landbouw. Er wordt geen andere handel gedreven dan in de voortbrengselen van den grond, en in het vee dat er geteeld wordt, behalve het vertier in melk, boter en andere zoals het verbruik der inwoners dienende voorwerpen.

Gebouwde eygendommen.
De gemeente is zaemengesteld uit de twee gehuchten Fall en Mheer, bevattende te zamen 172 huizen, minder of meerder goed gebouwd. De woningen van de drie eerste klassen zijn vrij groot en wel gebouwd; de overige zijn niet ruim, of der zelver inrigting is weinig gerieflijk.

Bevolking
De geheele bevolking der gemeente bedraegt 875 inwoners.

Bouwlanden ( akkers )
De bouwlanden zijn verdeeld in vier klassen, naer de onderstaende verscheidenheid.
Eerste klasse
De eerste klasse bestaet uit goeden zachten leemgrond, op ondergrond van de zelve hoedanigheid, zijnde van een gemakkelijke bewerking en hebbende eene groeiaeerde van 27 centimeters. Men bouwt er voornamelijk, tarwe, rogge,haver,klaver,paerdenvoeder en aardappelen. Deze klasse laet geen braek liggen. Men begroot de hectare op G33 ( 33 gulden ).
Tweede klasse
De tweede klasse bestaet uit een leemgrond van ligtere hoedanigheid dan de 1ste klasse, rustende op den zelfden ondergrond, zij heeft eene groeiaerde van omtrent 22 à 23 centimeters. Men bouwt er de zelve vruchten dan in de 1ste klasse en men laet alle 6 jaeren een gedeelte braek liggen. Men begroot de hectare op G27.
Derde klasse
De derde klasse is samengesteld uit rostachtigen leemgrond van slegte hoedanigheid, op ondergrond van zwaeren leem, haere groeiaerde heeft omtrent 17 à 19 centimeters. Men bouwt er rogge, haver, klaver of beestenvoeder. Alle 4 à 5 jaeren wordt er gebraekt. De hectare wordt begroot op G19.
Vierde klasse
De vierde klasse is eenen zwaeren slegte leemgrond op ondergrond van klei, hebbende eene groeiaerde van 14 centimeters. Zelfde bebouwing dan de derde klasse, maer men braek er alle 3 jaeren. De hectare wordt begroot op G13.

Tuinen
De tuinen liggen bij de wooningen en zijn in twee klassen verdeeld.
Eerste klasse
De eerste klasse is zaemengesteld uit met vruchtbomen beplante tuinen, waer in men zich ook op het telen van groenten zorgvuldig toelegd. Men heeft de zelve een vierde hooger dan de bouwlanden van de eerste klasse geschat, dus per hectare op G41.
Tweede klasse
De tuinen van de tweede klasse zijn gelegen op eenen grond, bijna van gelijke hoedaenigheid als die der eerste klasse, maer niet zoo wel gelegen en zijnde slegter getuind. Men heeft ze begroot als de bouwlanden der eerste klasse, dus op G33.

Boomgaerden
De boomgaerden in deze gemeente bestaen uit, door heggen ingeslotene en in de nabijheid der wooningen gelegene, stukken grond, beplant met vruchtboomen van onderscheidene soorten als; appel, peren, noten en kerseboomen; tusschen de zelve vindt men er den grond met gras zoden bedekt.
Eerste klasse
De eerste klasse bevat de beste stukken grond van deze soort, en die wel van boomen voorzien zijn, en eene goede gelegenheid hebben. Zij worden begroot op een derde hooger dan de bouwlanden der 1ste klasse, dus per hectare G44.
Tweede klasse
De tweede klasse is zaemengesteld uit stukken grond van eene middelmatige hoedaenigheid, en die me zoo voordeelig gelegen zijn dan die der eerste klasse. Zij worden begroot net als de bouwlanden der 1ste klasse, en dus per hectare G33.

Weiden
Men vindt slechts eenige perceelen weiden in deze gemeente, die geene andere bevochtiging ontvangen dan door de regen. Men heeft er eene klasse van gemaakt, en zij wordt begroot per hectare op G27.

Schaepsweiden
De schaepsweiden zijn stukken grond gelegen langs straeten en op hellingen, waer het weinig gras die er op groeid, afgewied wordt door de schaepen en de verkens. De hectare wordt begroot op G2.

Oppervlakte der gebouwde eigendommen.
De oppervlakte der gebouwde eigendommen wordt geschat op de waerde der landerijen van de eerste klasse, dus op G33.

Brouwerijen
Er bestaet een bierbrouwerij in deze gemeente, staende en gelegen in de sectie C nr 373, zij is in tamelijken goeden staet, doch klein in begrijpe, zij heeft eene roerkuip van 20hl:20l. Eenen koelbak en een ketel van 20hl:20l. Men brouwt er omtrent 10 mael s'jaers, het bier dat er gebrouwen wordt, wordt ten plaets zelve en in de omstreken verbruikt. Het zuiver inkomen wordt begroot op G12.

Siroopfabrieken
Er bestaet eene siroopfabriek in deze gemeente, staende en gelegen in de sectie C nr 418bis, toebehorende aen Hermanus Daenen, zij is in slegten staet en heeft eenige werktuygen van weynige beduydenis. Men heeft ze begroot op het minimum en dus op G4.

Huizen
De huizen van deze gemeente worden verdeeld in negen klassen naergelang der vrij werkbare verscheidenheid welke men tusschen de zelve vindt. Zij worden over het algemeen door de eigenaers zelve bewoond, of met, tot den landbouw dienenden gebouwen en andere eigendommen verhuerdt, dikwerf op mondelinge voorwaerden, geheime over een komsten of verbintenissen, welk er gebrek aen geloofwaerdigen vorm, belet om de zelve bij de schatting tot leidraad te bezigen. Uithoofde van de onnauwkeurigheid en het niet overeenstemmen der borigten van deze aard, heeft men de zelve moeten rangschikken volgens de huerwaerde, welke daer aen, naer maete hunner uitgebreidheid, het meerder of minder regelmatige in geriefelijke van hunne inrigting, en den staet, waer in zij zich bevinden, schijnt te kunnen worden teogekend.
De 1ste klasse bevat een zeer groot pachthoef, zijn de in steen gebouwd en met pannen gedekt, hebbende 5 bovenplaetsen, 3 groote onderplaztsen en kabinetjens.
De 2de klasse bevat eensgelijks een zeer goed en uytgebreid prachthoef, in zavelblok gebouwd en bedekt met schaelen, hebbende verscheidene plaetsen en gerieflijke aenhoorigheden.
De 3de klasse is samengesteld uit twee tamelijke groote en gerieflijke huizen.
De 4de en 5de klasse bevatten landbouwers wooningen in steenen gebouw, gedeeltelijk met pannen en gedeeltelijk met stroo gedekt, in goeden staet.
De 6de en 7de klasse zijn zamengesteld uit minder uitgebreide en minder gerieflijke wooningen.
In de 8ste klasse bevinden zich huisjes van arbeiders en daglooners, in hout en leem gebouwd en met stroo gedekt, bevattende slechts twee plaetsen.
De 9de klasse bevat leeme hutten hebbende slechts eene plaets, en dienende tot wooning der geringe lieden.

Van ieder werd er minimum een voorbeeld gegeven met een beschrijving.

Bouwlanden
Klasse 1:
Aen de meerstraet sectie A287,15a40ca, eigendom van Willem Raedts.
De eerste klasse is eenen goeden zachten leemgrond op ondergrond van de zelve hoedanigheid, zijnde van eene gemakkelijke bewerking en hebbende een groeiaerde van omtrent 27cm.
Klasse 2:
Aen de Weraerdsweg sectie A311, 24a40ca, eigendom van Hubert Thans pastoor van Veldwezelt en in gebruik door Lambert Claes.
De tweede klasse is zamengesteld van leem zwaerder dan dien der 1ste klasse en zijnde van moeylijke bewerking, de groeiaerde heeft 22 à 24 cm.

Aen het Hubelken sectie C118, 24a90ca, eigendom van Engelbert Raedts.
Goeden leemgrond, rustende op ondergrond van de zelve hoedanigheid, zijnde eenigsins ligter dan de 1ste klasse, hebbende eene groeiaerde van 22 à 24 cm.

Haesenspronk sectie D461, 11a, eigendom van Martinus Beusen.
Leemgrond van goede hoedanigheid, rustende op een zelve ondergrond, zijnde van redelijke goede bewerking, hebbende eene groeiaerde van 22 à 24 cm.
Klasse 3:
Haesenspronk sectie D440,79a60ca, eigendom graaf Frans de Borgchraeve en in gebruik door Mathijs Lenaerts.
Rostachtigen leem op ondergrond van zwaar leem eenigsins met zand vermengd, zijnde van slegt hoedanigheid, hebbende eene groeiaerde van 17 à 19 cm.

Rekensgat sectie D582, 35a40ca, eigendom van Maastricht d'Hospice en in gebruik van Nicolas Raedts.
Leemgrond van slegte hoedanigheid eenigsins met zand vermengd, ondergrond van den zelfden aerd, hebbende eene slegte ligging en eene groeiaerde van omtrent 17 à 19 cm.

Klasse 4
Achter den steen sectie D720, 11a20ca, eigendom van Evrard Hermans.
Zwaren leemgrond op ondergrond van klei, zijnde zeer slegt gelegen, in dezelfde hoedanigheid, hebbende eene groeiaerde van omtrent 13 cm.

Tuinen
Klasse 1:
Dorp sectie D1020,12a, eigendom van Fastre Monard.
Op grond van de eerste klasse bouwlanden, nabij de wooningen in de kom der gemeente gelegen, voortsbrengende groentens die tot verbruik van den landman dienen.

Klasse 2:
Mheer sectie B226, 1a36ca, eigendom van Vandenbosch notaris te Tongeren en in gebruik door Jasper Castermans.
Op grond der tweede klasse bouwlanden nabij de wooningen en afgelegen van de kom der gemeente zich bevinden, en waer in groeve groenten geteeld worden.

Boomgaarden
Klasse 1
Fall sectie C368, 51a80ca, eigendom van Willem Jans en in gebruik door Engelbert Jans.
Op grond der 1e klasse bouwlanden aangelegd nabij de wooning en die in de kom der gemeente zich bevinden, beplant deels met appel en peerebomen en brengende een goed voedzaam en hergroeiend gras voor.

Klasse 2
Fall sectie C353, 19a80ca, eigendom van Renier Palmans.
Op grond der 2e klasse bouwlanden aangelegd met heggen omringd, zijnde deels met appel en peerebomen beplant. Brengende een voedzaam en hergroeiend gras op, doch van minder hoedanigheid dan dat der 1e klasse.

Weiden
Fall sectie D349, 14a50ca, eigendom van Maastricht d'Hospice en in gebruik door Paulus Keulen.
Op een hoogte gelegen nabij de wooningen, brengende een voedzaam doch niet overvloedig gras op.

Schaepsweiden
Op de Kuylen sectie D418, 12a30ca, eigendom van Pierre Michiels en in gebruik door Peter Peters.
Op grond van slegte hoedanigheid, zijnde op een helling gelegen, voortsbrengende eene schrale beweyding.

Brouwerij
Sectie C373 ( Bampstraat ), eigendom van Jan Claes.
In een steengebouw met pannen gedekt, in tamelijken goeden staet doch klein in begrijp, hebbende een roerkuip van 20 hectoliters 20 liters, eenen koelbak en eenen ketel van 20 hectoliters 20 liters. Alle der werktuigen zijn in goeden staet. Men brouwt er omtrent 10 mael 's jaers.

Siroopfabriek
Sectie C418 ( Kleinstraat ), eigendom van Hermanus Daenen.
In een klein gebouw aen het huis aanliggende bevattende eenige werktuygen en weynige beduydenis. Men heeft ze begroot op het minimum

Huizen
Indeling van de huizen en bijbehorende beschrijving

indeling vande huizen.jpg

De beschrijving
Klasse 1 :
Vrij schoon uitgespreid pachthoef, zijnde in steenen gebouwd en met pannen gedekt alles in goeden staet, hebbende vijf boven plaetzen, drie groote onderplaetzen en 3 kabinetjes. De aenhoorigheden zijn groot en gerieflijk.
Klasse 2:
Eens gelijks groot pachthoef, zijnde gebouwd van zavelblokken en gedekt met schalien, hebbende eene schoone bovenplaetse, twee schoone en kleine beneden plaetzen en schoone aenhoorigheden.
Klasse 3:
Huis deels met briken en deels met zavelsteen gebouwd, gedekt met pannen, hebbende 2 schoone beneden plaetzen en 2 bovenplaetzen, zijnde gunstig in de kom gelegen en dient tot herberg, weinige aenhoorigheden.
Klasse 4:
Huis van zavelsteen gebouwd, gedekt met pannen, hebbende 2 beneden plaetzen en een kabinetje en hetzelfde getal boven plaetzen er zijn enige aenhoorigheden.
Klasse 5:
Huis van zavelsteen gebouwd, gedekt met stroo, hebbende 2 groote plaetzen en een kabinetje, goede uitgespreide aenhoorigheden van een pachthoef.
Klasse 6:
Huis van zavelsteen gebouwd, gedekt met stroo, hebbende 2 kleine plaetzen en een kabinetje. Goede uitgespreide aenhoorigheden van een klein pachthoef.
Klasse 7:
Gebouw van zavelsteen met stroo gedekt, hebbende eene plaetse en 2 kabinetjes en einge slegte aenhoorigheden.
Klasse 8:
Gebouw van hout en zavelsteen doortimmert, met stroo gedekt, hebbende slechts 2 plaetzen.
Klasse 9:
Hut van zavelsteen met stroo gedekt, begrijp slechts een plaetze.

De gronden werden als volgt ingedeeld:

indeling gronden.jpg

Bronnen:
- Rijksarchief Hasselt: proces van afpaling van Val-Meer
- Membruggen 1842 van R.Nijssen ( Gogri tijdschrift )